Railtracking langs spoorlijn L86 (deel 2)

Hier volgt het tweede deel van het railtracking project van het mijnwerkersspoor van Zottegem naar de Borinage. Dit stuk verloopt op de spoorlijn L86 in het verlengde van spoorlijn L82 (zie mijn vorig verslag). Het is weer een zeer gevarieerd parcours met moeilijk toegankelijke delen maar ook met stukken die omgebouwd werden tot RaVel.

Ronse – Frasnes-Lez-Anvaing

Het station van Ronse is een eindstation geworden (of een kopstation) want de trein kan hier niet meer verder. De sporen zijn opgebroken en de perrons recentelijk aangepast aan de nieuwe realiteit. Het is mooi gelegen aan het stationsplein met een beeld van een nar op een klok. Het is een ‘Bonmo’ of een zot van Ronse. Een beeld van Florent Devos ter ere van een folkloristische carnavaleske stoet in Ronse. Maar dit is dus aan de voorkant!

Aan de achterkant, als je naar rechts kijkt, zie je een zee van keien met een beetje verder een brug erover. Het ziet er vrij desolaat uit met 2 perrons met nog wel de nummers erop en een bord met de naam van het station, maar hier stopt duidelijk geen trein meer. De parking is ook vrij leeg, plaats te over om mijn wagen achter te laten. Mijn fiets heb ik ondertussen achtergelaten aan het vroegere station van Frasnes. De terugweg zal fietsend zijn.

Vanaf hier loop ik over spoorlijn L86. Deze komt van De Pinte en eindigt in Basècle, dan zijn we toch al behoorlijk gevorderd in Henegouwen en belanden we in de Borinage. De GPS resetten en ik kan op weg over de keien. Volgens wat ik er al over gelezen heb zal dit niet lang duren en zullen de keien overwoekerd zijn met struiken en doornen. Dit is ook de reden waarom ik dit stuk van de tocht in de winter doe in de hoop dat de doorgang misschien iets makkelijker zal zijn. Eens onder de brug door versmalt het brede terrein naar de normale breedte van een dubbel spoor. Stilaan neemt de begroeiing toe en tussen de struiken naast het spoor ontwaar ik een verloren lantaarnpaal. Ook hier en daar zijn er nog kilometerpaaltjes die al dan niet nog rechtstaan.

Een kleine kilometer buiten het station zijn de sporen nog niet verwijderd. De begroeiing is ondertussen vrij overheersend geworden. Er is nog doorkomen aan omdat blijkbaar wel meer mensen naast of op het spoor lopen om zo een shortcut te maken van hun wijk naar het station. Er is een soort paadje dat zich door het struikgewas slingert. Bij de volgende brug, over de Camille Lemonnierlaan, begint de Wild West. Het is gedaan met het min of meer plat getrappeld pad. Maar door de knieën telkens hoog op te heffen is er wel nog doorkomen aan.

Vanaf het treinspoor heb je overal zicht op de tuinen van de huizen die grenzen aan het spoor. Deze mensen zullen wel niet dikwijls iemand zien passeren langs dit spoor. Als ze mij maar niet aanzien als een inbreker en hun hond achter mij aan sturen. Ik probeer mijn weg verder te zetten door eens links en dan weer rechts een doorgang te vinden. Of soms eens hoger dan weer lager langs de berm. Echt naast de berm lopen kan niet want dan loop ik door de mensen hun tuin.

Ook nog even meegeven dat het langs dit spoor indertijd ook wel wat drukker zal geweest zijn. Naast de mijnwerkers die vanuit de streek van Zottegem en Aalst en ook Geraardsbergen kwamen, sloten hier ook deze aan uit de streek van Gent. Deze lijnen komen samen in Ronse. De lijn van Gent naar Ronse is nog in gebruik.

Voor de mijnwerkers in de 19de eeuw duurde het 3 uren om toe te komen in de Borinage. Daarbij werden ze vervoerd in wagons zonder zitbanken, op elkaar gestapeld als het ware. In de beginperiode trokken ze ook voor een week naar het werk. Pas later, toen onder druk van de vakbonden de werktijden stilaan ingekort werden, was het mogelijk om dagelijks de op en af te gaan naar het werk.

Eenmaal buiten Ronse is het soms mogelijk of eigenlijk noodzakelijk om even af te dalen van het talud om over het land verder te stappen. Nu in de winter is dit geen probleem want er staat niets op het veld. In de zomer is dit misschien net iets moeilijker. Maar op bepaalde plaatsen is er geen doorkomen aan. Jemoet je voorstellen dat je bij elke stap struikelt over overwoekerende planten, een ‘normale’ stap kan je niet zetten.

Maar plots kom ik aan een stuk waar de sporen helemaal zijn opgekuist. Waarschijnlijk hebben de omwonenden de handen in elkaar geslagen om een extra, avontuurlijk speelterrein aan te leggen voor de kinderen. Voor mij is dit uiteraard meegenomen en dit krikt de gemiddelde snelheid enigszins op.

Vanaf de Rue de Mont Doyelle loopt een wandelpad langs het spoor. Iets verderop loopt het wandelpad zelfs op het spoor en kan ik goed doorstappen tot aan de volgende straat Les Bruyères. Daar begint de miserie opnieuw. In de bocht van de spoorweg is er nog de mogelijkheid om langs het spoor te lopen op een terrein dat blijkbaar ook bij de spoorwegen hoort en dat vrij bewandelbaar is. Dit is echter maar voor even. De volgende brug hebben de mensen blijkbaar gebruikt als mini-containerpark en hebben ze er hun afval gedumpt. Geen mooi zicht, er liggen zelfs dode schapen.

Ondertussen ben ik mijn drinkfles en een souvenir van de spoorweg (een bout) die beiden in een zijvak van mijn rugzak zaten kwijtgespeeld tijdens één van mijn gevechten met de struiken. De grote doornen in mijn handen heb ik verwijderd maar de kleine ambetanterikken zullen later thuis met een pincet moeten uitgehaald worden.

Ondertussen ben ik niet kwaad dat ik het station van Frasnes bereik. Dit is ondertussen la maison du sucre geworden. Vlak voor ik aankom in Frasnes ligt er links een nieuw natuurgebeid (in constructie) dat heet Frasnes-les-Bassins. Het is een project om de natuur terug te winnen op dit oude industrieterrein. Mijn fiets staat gelukkig nog vastgemaakt en de terugweg kan beginnen. Volgende keer laat ik de auto aan mijn eindpunt staan en fiets ik eerst naar het beginpunt: dat is zeker!

Frasnes-Lez-Anvaing – Basècle

De werkleiders (ploegbazen) in de mijnen waren meestal Walen. De Vlamingen hadden minder kans om door te groeien. Dit komt voor een groot stuk doordat de Waalse mijnwerkers de kans hadden om bij te scholen in tegenstelling tot de Vlaamse mensen die te lang onderweg waren en zo geen tijd hadden voor deze bijscholing. De pastoors waren dan weer wel zeer tevreden dat de mijnwerkers dagelijks thuis kwamen in het katholieke Vlaanderen en niet verbleven in de socialistische mijnwerkerskwartieren.

Vanaf Frasnes lijkt het struikgewas grotendeels verdwenen. Ik volg een vrij brede strook losse keien wat het stappen toch bijzonder moeizaam maakt. Maar ik kan mijn machete, bij wijze van spreken, toch weer opbergen. Ik kruis de autostrade 429 over een dus in onbruik geraakte brug maar daarnaast ook een kleinere brug voor het wegverkeer. Daarna wordt het pad vrij vlug smaller tot wat geschikt lijkt voor een enkel spoor.  

Een tweetal kilometer verder is er een afsplitsing naar het industrieterrein van Moustier. Daar bevindt zich het internationale bedrijf Rosier dat minerale meststoffen produceert. Zij maken wel geen gebruik meer van het spoorvervoer. Het baanvak van Frasnes naar Leuze bleef in gebruik tot eind 2005 voor goederenvervoer voor Rosier en voor de suikerraffinaderij. Het volledige baanvak van Ronse naar Leuze werd buiten gebruik gesteld in 2007 en volledig opgebroken in 2012. Het personenvervoer werd reeds opgeheven in 1988.

In 2005 sloot de suikerraffinaderij van Frasnes tengevolge van een herstructurering.  Verschillende spelers (Fontenoy, Veurne, Moerbeke e Frasnes) werden samengevoegd en een nieuwe vennootschap, ISCAL sugar, werd opgericht. In Frasnes bleef wel nog een activiteit voor opslag en verpakking. Voor de suikerproductie hoefde de spoorlijn er dus ook niet meer te zijn. Van de oude locatie werd door de gemeente een nieuw industrieterrein aangelegd.

Er zijn hier geen grote hoogteverschillen meer: geen diep ingesneden beddingen of hoog gelegen taluds zoals in het stuk vóór Ronse. De begroeiing langs de kanten van de bedding is ook niet al te dicht en meestal kan ik genieten van het uitzicht over de velden. Voor mij schieten de konijnen langs alle kanten  weg. Veel hindernissen kom ik niet tegen. Er is er wel ééntje ter hoogte van de Rue Conquereaumont. Daar loopt de spoorweg over de straat maar de brug is in zo’n penibele toestand dat ze afgesloten is. Bij de volgende overgang (Gogard)  loopt de weg dan weer over het spoor, gelukkig in een betere staat.

Onderweg kom ik één persoon tegen. Het is een boer die zijn velden aan het sproeien is. Hij had me blijkbaar zien komen want hij wacht me op. Hij apprecieert blijkbaar dat ik met rugzak en fototoestel de sporen volg. Hij heeft helemaal geen waardering voor de mensen die op verschillende plaatsen hun afval (steengruis tot zelfs asbelt eternit-platen) dumpen in de bedding. Soms nemen ze zelfs niet de moeite om het in de bedding te storten maar laten het op de veldweg van de boer liggen.

Daarna kom ik weer in de bewoonde wereld en wandel ik langs de achterkanten van de tuinen van de mensen. Ze zijn het toch niet zo gewend om iemand hier te zien passeren. Even later vind ik het tot woonhuis omgebouwde stationsgebouw van Grandmetz.

Het blijft gemakkelijk stappen tot in Leuze. Bij een boerderij kom ik nog de restanten van een overweg tegen. Ook links en rechts vind ik nog overblijfselen van de spoorinfrastructuur: kilometerpaaltjes, signalen en ook elektriciteitscabines waar vogels ondertussen hun nest in bouwen. Links van mij komt de actieve spoorlijn steeds dichter bij me. Tot we samenkomen vlakbij het station van Leuze. De fabriek van Lutosa valt ook in het oog.

Langs de andere kant van het station begint de RaVel tot in Basécle. Dit is nog zo’n 10 kilometer stappen. Ik heb dit gedaan voor de symboliek en de volledigheid. Veel valt er echter niet te beleven op zo’n geasfalteerd fietspad. Het is uiteraard leuk en een ideale plaats om je kindjes te leren fietsen. Het is ook geen fiets-snelweg, zoals wij die kennen langs de Schelde enz… Hier wordt de snelheid van de fietsers beperkt door de overwegen met de straten. En er staan sluizen om de fietsers af te remmen vooraleer de baan over te steken.

Van Zottegem tot Basècle is een lang traject met een zeer belangrijke geschiedenis. Het heeft me ook weer bewust gemaakt wat deze mijnwerkers gerealiseerd hebben en dat geleid heeft tot het werknemersstatuut dat wij nu kennen. Maar uiteraard is het ook een mooie wandeling geworden vanuit het Vlaamse platteland over de Vlaamse Ardennen tot in Henegouwen.

Alternatief gebruik van de spoorweginfrastructuur door onze gevleugelde vrienden:

links:
frasnes les bassins
hullabaloo over spoor 86
Trage wegen heeft dit traject ook afgelegd

Advertenties

2 gedachten over “Railtracking langs spoorlijn L86 (deel 2)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s